Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies en verzamelt daarmee informatie over het gebruik van de website onder andere om deze te analyseren en te verbeteren en voor social media. Wil je meer weten over deze cookies, lees dan onze privacy disclaimer en de uitleg over cookies
Door hiernaast op "Akkoord" te drukken, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies en het verzamelen van informatie aan de hand daarvan door ons en door derden. Wil je niet alle soorten cookies toestaan, klik dan op "Cookie instellingen aanpassen".

1000436_sfeerbeeld.png

Huuropzegging bij overlijden

Overlijden van de huurder

Helaas kan het voorkomen dat u met een overlijdenssituatie te maken krijgt. Als een huurder overlijdt, dient er veel geregeld te worden. Ook het voortzetten of opzeggen van de huurovereenkomst. Hoe gaat dit in zijn werk en wat is de regelgeving?

Allereerst is het belangrijk dat u ons zo spoedig mogelijk informeert van dit overlijden door middel van de overlijdensakte of de rouwkaart. Wij zullen in dat geval zelf de nodige procedure in gang zetten.

Medehuurder wordt hoofdhuurder

Als een huurder komt te overlijden, wordt de medehuurder automatisch hoofdhuurder. In de wet staat wie als medehuurder wordt gezien. De volgende situaties kunnen voorkomen:

Echtgenoten / geregistreerde partners 
De huurovereenkomst loopt zonder nadere voorwaarden of veranderingen door voor de echtgenoot of de geregistreerde partner. U kunt in de woning blijven wonen. In het huurcontract verandert niets.

Medehuurder
Wanneer u niet getrouwd was of geen geregistreerd partnerschap had met de overleden huurder, maar wel samen op het huurcontract staat, dan verandert er ook niets in het huurcontract. Het huurcontract komt in dat geval alleen op uw naam te staan. Wel zou het zo kunnen zijn dat u een (nieuwe) huisvestingsvergunning van de gemeente nodig heeft. Informeert u hiernaar bij uw gemeente. Of kijk bij huisvestingsvergunning in onze informatie.

Samenwonenden / Inwonende
Wanneer u met de overledene samenwoonde of bij de overledene inwoonde, en wanneer u niet met de overledene getrouwd was, geen geregistreerd partnerschap had, en u niet samen op het huurcontract staat, dan heeft u niet automatisch het recht om in de woning te blijven wonen.
U kunt in eerste instantie nog maximaal zes maanden in de woning blijven en neemt voor deze periode het huurcontract over. Als u in de woning wilt blijven wonen, dient u bij ons een verzoek in te dienen om de huurovereenkomst op uw naam te zetten. Hiervoor gelden in principe dezelfde voorwaarden als nieuwe huurders.

Als u niet aan deze voorwaarden voldoet en uw verzoek tot het huren van de woning door de verhuurder wordt geweigerd, kunt u binnen zes maanden na het overlijden van de huurder bij de kantonrechter een vordering instellen en door de rechter in het gelijk worden gesteld.

De rechter zal uw verzoek in principe toewijzen als u de aan volgende 4 voorwaarden voldoet:

1. U heeft uw hoofdverblijf op de woning en u kunt dit aantonen;
2. U had een duurzame gemeenschappelijke huishouding met de overledene en u kunt dit aantonen;
3. U heeft voldoende inkomen om de huur te betalen;
4. U kunt, indien nodig, een huisvestingsvergunning van de gemeente krijgen.

Kinderen
Kinderen kunnen wel medebewoners zijn, maar hebben geen duurzaam gemeenschappelijke huishouding met een ouder, omdat dit gezinsverband in ons land geacht wordt een aflopend karakter te hebben. De situatie is anders als de inwonende kinderen op het huurcontract vermeld staan als medehuurders. Zo niet, dan geldt hier eveneens de zes-maanden-regel. Bij een minderjarig kind zullen de familie of overheidsinstanties zorgen voor een dak boven het hoofd. Is het kind volwassenen dan zal het zelf voor een andere woning dienen te zorgen. Een rechter zal een verzoek van kinderen in principe toewijzen als het kind ouder dan 35 á 40 jaar is.

Geen medebewoners die het huurcontract voortzetten, wat doen de nabestaande/erfgenamen                                 
Zijn er geen bewoners die na het overlijden van de huurder het huurcontract voortzetten, dan eindigt het huurcontract automatisch op de laatste dag van de tweede maand na overlijden. Voorbeeld: bij een overlijden op 15 april, is de laatste huurdag op 30 juni.
De erfgenamen kunnen de huurovereenkomst ook eerder opzeggen, namelijk tegen het einde van de eerste maand na overlijden dus bij overlijden op 15 april, is de laatste huurdag op 31 mei. Dit geldt ook bij een huurovereenkomst voor bepaalde tijd.  Als men meer tijd nodig heeft, bestaat vaak de mogelijkheid om de huur met een maand verlengen.

De erfgenamen dienen zorg te dragen voor het leeg en in goede staat opleveren van de woning. Zij zijn verantwoordelijk voor het betalen van de eventuele achterstallige huur en de te maken kosten en zij ontvangen de eventueel vooruitbetaalde huur of waarborg terug van de verhuurder. Zolang de huur wordt voortgezet, betalen de erfgenamen de huur. Zijn er geen erfgenamen of is de erfenis verworpen, dan kan de rechtbank op verzoek van de verhuurder een curator aanstellen om de ontruiming en financiële afwikkeling te regelen. De verhuurder kan de erfgenamen tot het moment dat de verklaring van verwerping daadwerkelijk is ingediend, aansprakelijk stellen voor verplichtingen die voortvloeien uit de huurovereenkomst.

Voor verdere informatie over het opleveren van de woning verwijzen wij u naar de "richtlijnen hoe laat u de woning achter".